Diensten

  1. 17-12 10:00 VK Drs. M. Bijl
  2. 17-12 10:00 WaZ Geen dienst
  3. 24-12 20:30 VK Ds. A. van Nierop
  4. 24-12 22:00 WaZ Ds. D. Fisser
  5. 25-12 10:00 VK Ds. A. van Nierop

Lees meer

U bent hier: www.pknbeverwijk.nl - Meditaties - Meditatie december 2017 - door Ds. A. van Nierop - Tussen Wachten en Verwachten

Voor u verder leest: denkt u dat er een verschil is tussen wachten & verwachten?

Zo ja, kunt u voor uzelf uitleggen waar dat verschil tussen wachten & verwachten op berust?

In zijn boek ‘Dierbare woorden’ meent de filosoof Cornelis Verhoeven dat ‘wachten’ vooral een kwestie is van aandacht voor de tijd die verstrijkt. We mogen daarbij denken aan de tijd die we doorbrengen in de wachtkamer van de dokter of de tandarts. Of aan de tijd voor het rode verkeerslicht, op het perron of in de rij voor de kassa. Dergelijke momenten van wachten vallen velen van ons zwaar en voelen vaak zinloos aan.’ ‘Verwachten’ daarentegen heeft volgens Verhoeven te maken met een gerichtheid op wat nog niet is maar wel komen gaat. Misschien weten we nog niet precies wat komen gaat.
 

Vaak weten we ook niet wanneer onze verwachtingen wel of niet gerealiseerd zullen worden. Verhoeven schrijft zelfs dat wij leven in een levenslang uitstel en in een voortdurende afhankelijkheid van machten die wij niet kennen. Met andere woorden, verwachten valt lang niet altijd mee. Maar misschien kan het ons toch  helpen om onze aandacht zo nu en dan af te leiden van de tijd van wachten, en ons meer te richten op wat we verwachten. Een bekend adventlied zingt:

Verwacht de komst des Heren,
o mens, bereid u voor:
reeds breekt in deze wereld
het licht des hemels door.
Nu komt de Vorst op aard,
die God zijn volk zou geven;
ons heil, ons eigen leven
vraagt toegang tot ons hart.

(lied 439:1)


In dit lied wordt meteen duidelijk dat het in de tijd van Advent niet gaat om een soort richtingloos wachten op ‘God weet wat’ maar om een verwachting van de komst van de Heer. Wat we ons daar precies bij voor moeten stellen en wanneer we zijn komst mogen verwachten, vertelt de dichter niet. Hij roept ons wel op om ons op zijn komst voor te bereiden.
 

Ik vind het appel van de dichter betekenisvol. In de tijd van het Advent gaat het er niet om dat we dat we ongeduldig (of gelaten?) afwachten en wel zien wat er komt. Nee, het gaat om een actieve levenshouding: wat kan ik zelf doen om op verwachtingsvol uit te kijken naar de komst van onze Heer? In het tweede couplet zingt de dichter ondermeer

Hij komt, bekeer u nu!
Waarna het derde couplet verder gaat:
Wie vraagt naar zijn gebod
en bidden blijft en waken,
in hem wil woning maken
het heil, de Zoon van God.

Ik weet niet bij voorbaat hoe ik deze woorden voor mezelf kan concretiseren. Ik weet wel dat ik in de tijd van Advent voldoende werk aan de winkel heb. Tenslotte maar niet ten minste: in ons vorige liedboek (het liedboek voor de kerken uit 1973) kende dit lied als lied 126 drie coupletten. In ons nieuwe liedboek (het liedboek ‘zingen en bidden in huis en kerk’) kent lied 439 een vierde couplet:

O Jezus maak mij arme
in deze heilige tijd
uit goedheid en erbarmen
zelf voor uw komst bereid.
Laat dit bestaan uw stal,
dit hart uw kribbe wezen,
opdat nu en na dezen
ik U lofzingen zal.

Waarom ons vorige liedboek dit couplet wegliet en ons huidige liedboek het wèl opneemt – het behoorde altijd al tot het Duitse origineel – durf ik niet te zeggen. De gedachte dat we in ons bestaan ruimte maken voor de aanwezigheid van onze Heer lijkt me hoe dan ook het overdenken waard.


Ik wens u & jou daartoe een actieve, betekenisvolle voorbereidingstijd.

PKN Nederland