Zegenen

U bent hier: Home - Zegenen

Een meditatie over het woord “zegenen”

Zegenen is een belangrijk woord in ons leven en in de bijbel. ‘Wanneer voelt U zich een gezegend mens?’ vroeg ik aan de vrouwen van de vrouwengesprekskring, die al jaren regelmatig in IJmuiden bij elkaar komen. Verschillende antwoorden werden gegeven: ‘bij de inzegening van ons huwelijk;, ‘toen ik belijdenis deed’, ‘toen ik op volwassen leeftijd gedoopt werd’, ‘ik heb eens mee gemaakt, dat iemand aan het einde van zijn leven gezegend werd’. En alle vrouwen zeiden: ‘de zegen aan het einde van de dienst is heel belangrijk.

We begrijpen niet, dat sommige mensen in de kerk net voor het uitspreken van de zegen hun liedboek in de tas doen en hun jas gaan aantrekken, dat terwijl het belangrijkste in de dienst nog begint. Het ontvangen van de zegen, met de bijbehorende gebaren is heel waardevol!’ Als predikante mag ik aan het einde van de dienst de zegen geven, de goede woorden van God, als troost en een aanmoediging, als een vaste grond onder de voeten en als een steuntje in de rug.

Benedicere (Latijn) wordt vertaald door zegenen. Letterlijk betekent zegenen goedspreken. Hierbij spreek je de wens uit dat de ander goed over jou zal spreken en dat jij op jouw beurt goed over die ander zal spreken. Zegenen betekent in de bijbel: ‘op een fijne manier met elkaar omgaan. Elkaar hooghouden elkaar grootmaken en niet naar beneden trappen en kleineren’.

De bekende monnik Anselm Grun schrijft in zijn boekje: “Jij bent een zegen” dat hij het als kind heel bijzonder vond, dat zijn huis op 6 januari, Driekoningen, werd gezegend. Dan mochten we het hele huis naar wierook laten geuren. Op Driekoningen zegent niet de priester het huis, maar de vader of moeder van het huis, samen met de kinderen. Het gebruik van de zegening van het huis op Driekoningen gaat terug op de heidense traditie, die betrekking heeft op de twaalf dagen tussen Kerst en Driekoningen. Uit angst voor de demonen rookte men het huis en de stal uit en beschreef men de huisdeuren, om zo het onheil van en uit het huis te bannen.

De christenen hebben de betekenis van dit gebruik veranderd. Omdat Gods heerlijkheid in Jezus Christus zichtbaar is verschenen moet dat licht overal schijnen, ook in onze huizen. Tijdens Driekoningen worden op de bovendeurpost de drie initialen C + M + B geschreven, samen met het nieuwe jaartal. De mensen denken, dat het de beginletters van de drie koningen zijn: Caspar, Melchior en Balthasar. Maar in werkelijkheid is het de afkorting van de Latijnse formule “Christus mansionem benedicat”: Moge Christus het huis zegenen. “Zegenen is een belangrijk woord in ons geloof en in ons leven. Niet alleen om te zeggen, maar ook om te doen.

ds. Sylvia Neuféglise – Vermeer

PKN Nederland