25 September 2012 - Meditatie verzorgd door ds. Marco Visser

U bent hier: Home - 25 September 2012 - Meditatie verzorgd door ds. Marco Visser


Het nodige overbodige

Onze wereld vraagt om resultaat. In ieder bedrijf, in alle takken van sport, gaat het om helder geformuleerde doelen (in goed Nederlands: targets) die je vaststelt, en die opgeschreven worden in visienota’s en beleidsstukken. En dan: aan de slag om die doelen stap voor stap te halen. Dat gaat overigens het beste, aldus managers en beleidsmakers, als je doelen ‘SMART’ zijn. Die afkorting staat voor Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden. Als de doelen die je stelt daaraan voldoen, dan heb je de grootste kans op een goed resultaat. En daar gaat het om, het resultaat telt!

Zo is het in de kerk ook. En dat is een goede zaak. Het is goed dat we voor onszelf doelen formuleren: daar-en-daar willen we de komende tijd aan werken, die-en-die kant willen we op. Het is mooi als kerkenraden en andere commissies efficiënt werken, doelgericht bezig zijn. En toch, tegelijkertijd… Het vreemde is dat de kern van de zaak in de kerk eigenlijk doelloos is. Dat wat de kerk tot kerk maakt is, gek genoeg, nergens goed voor. Wat wij doen in de kerk – het helpt niet, je koopt er niets voor. Waarom zouden we ons zo moeizaam buigen over de woorden van de bijbel? Waarom de concentratie bij elkaar schrapen om die oeroude en vaak zo moeilijke teksten te begrijpen? En wat is dat toch voor iets: dat belijden en loven en zingen van de gemeente? Waarom zou je? Wat wij doen als kerk – het is totaal niet SMART. Een bezoek bij een mede-gemeentelid bij jou in de straat, is dat Specifiek of Meetbaar? Nauwelijks. De verkondiging van de opstanding uit de doden op zondagmorgen, is dat Acceptabel of Realistisch? Nee, natuurlijk.

Waar doe je het voor, wat levert het op? De lutherse theoloog Joop Boendermaker zei het eens eerlijk: ‘Laten we het toch toegeven, echte eredienst is principieel nutteloos. We zijn mesjogge dat we op een mooie zondag in de kerk gaan zitten. Het is nog nuttelozer dan bloemen geven op een verjaardag of kransen bij een begrafenis. Nuttelozer dan iemand afhalen op Schiphol die best zelf zijn koffer kan dragen, nuttelozer dan kaarsen op tafel terwijl er 100 watt boven hangt.’

Het is waar. Het levert niets op, het heeft geen resultaat. En toch doen we het, en blijven we het doen. Wonderlijk! We blijven het doen, meer dwaas dan ‘smart’. Maar misschien is het wel vanuit een vermoeden dat dat overbodige toch – het meest nodige is. Dat dit het is waar onze wereld, onze samenleving, behoefte aan heeft. Of misschien moeten we toch maar niet meer willen zeggen dan: wij als kerk, we doen het graag. ‘Het is góed de Heer te loven’ (Psalm 92). Waarom eigenlijk? We weten het niet precies, maar het is goed, en we willen het graag.

De Vlaamse dichter Herman de Coninck (1944-1997) schrijft over poëzie. En wat hij schrijft, zou ook voor het doen en laten van de kerk kunnen gelden:

Poëzie

Zoals je tegen een ziek dochtertje zegt:
mijn miniatuurmensje, mijn zelfgemaakt
verdrietje, en het helpt niet;
zoals je een hand op haar hete voorhoofdje
legt, zo dun als sneeuw gaat liggen,
en het helpt niet:

zo helpt poëzie
.

Marco Visser
 

PKN Nederland