U bent hier: www.pknbeverwijk.nl - Meditaties - 05 november 2016 - Meditatie door Ds Otto Sondorp - Nooit meer als toen

Christelijk wezen was toen nog gewoon Wat je ook at of ademde, je longen, je hart en ziel waren ervan doordrongen overal god, en jij van zelf zijn zoon.

Zo vanzelfsprekend in de zon gezongen, zo ijl als toen, op zo verhoogde toon, heb ik nooit meer, - nooit meer scheen god zo schoon, talend naar mij met duizend vuren tongen

Maar Hij is anders, leerde ik verstaan geen god van Grieken, maar een god van Joden, niet schoon, niet schoon, - levende bij de doden; zijn zonen zijn die door het donker gaan wier mond Hem nog van onder zand en zoden prijst als de zin, de zon van hun bestaan.

Een gedicht met een titel die ons om verschillende redenen zal aanspreken of die herkenning zal oproepen: Noot meer als toen. Ad den Besten is de dichter.  De hofleverancier van teksten voor ons huidige, maar ook voor ons vorige Liedboek. Sommigen kennen we heel goed, maar andere staan tussen de liederen die voor ons onbekend zijn. Bovendien zijn er nogal wat vertrouwde liederen verdwenen. En sommige mensen verlangen daar naar terug. Dat blijkt steeds weer. Als je erover in gesprek raakt, is het zo mooi als je hoort welke associaties er met die liederen mee-komen. Verhalen over persoonlijke gebeurtenissen, waardoor een lied een bijzondere betekenis voor iemand kreeg. Een doop, een huwelijk, een overlijden. Teksten en melodieën begeleiden ons in ons leven en roepen werelden in ons wakker. Daar hebben we in de kerken overigens niet het alleenrecht op.

Hoeveel mensen zijn er niet die een of ander dierbaar lied of een stuk inspirerende muziek koesteren?  Goede kans dat juist dat op zijn of haar be-grafenis ten gehore wordt gebracht. Bij Ad den Besten hoor je de nostalgie ook door de beginwoorden van zijn gedicht heen. Geloof was voor hem vanzelfsprekend, als een passende warme jas. Het hoorde bij je leven en je wist je zeker een kind van God. En het lied dat toen werd gezongen was “zo ijl, op zo verhoogde toon”. Maar dan komt, halverwege zijn gedicht, de breuk.

Een breuk die velen onder ons kennen, waardoor God niet meer vanzelfsprekend dezelfde voor ons is als toen. Misschien was het een ernstige gebeurtenis in ons leven, misschien was het ons denken dat niet meer paste bij de wereld waarin we opgroeiden, misschien waren het teleurstellingen, misschien kwamen er nieuwe inzichten. Dat laatste gold in ieder geval voor Ad den Besten, die als jong volwassene werd geconfronteerd met de oorlogsverschrikkingen. En zijn Godsbeeld veranderde drastisch. Juist omdat hij en velen met hem in zijn generatie niet begrepen dat deze vanzelfsprekende God mensen zo in de steek kon laten. Weg vanzelfsprekendheid, weg met de liederen ‘in de zon gezongen’. Hij ontdekte juist door de verhalen van dat joodse volk dat toen zo ongelooflijk veel leed overkwam een andere God, die mensen opriep weg te trekken uit de vanzelfsprekendheid, uit wat zo vertrouwd was. En dan te ontdekken dat die God ook dan, in de onveiligheid, als alles onzeker is, als alles in beweging is, of als alles doods is, steeds bij jou aanwezig blijft.

Natuurlijk blijft bij ons dat verlangen naar hoe het ooit was, de vertrouwde liederen, dat vertrouwde geloof, die vertrouwen wekkende God van toen. En toch hebben ook steeds meer mensen de ervaring dat, in alles wat me meemaken, God altijd weer aanwezig kan zijn in ons leven.Ook al is het nooit meer als toen.

PKN Nederland